Heimelijke genoegens #2

genoegens 2Zodra er kinderen zijn, is het gedaan met je privacy. Rustig aan de telefoon, ontspannen in bad, alleen naar de wc, het is allemaal verleden tijd. Het lijkt wel of ze het ruiken. Zodra je een poging waagt, staan ze ineens voor je neus en hebben ze je enorm dringend nodig. En dan wel meteen, nu, nee, even wachten kan echt, echt niet.

En hoe zeer ik ook genoten heb van de peuterpraatjes en gekke streken van onze jongste… nu hij kleuter is geworden, gaat er een (herontdekte) wereld voor me open. Zo lukt het nu om ongestoord te bellen, zonder krijsende of anderszins kabaal makende kinderen op de achtergrond. Wat een zaligheid! Rustig op de wc zitten, zonder allerlei dringende problemen op te moeten lossen vanachter de gesloten deur. Wat een rust!

En dan de aller, aller fijnste… ontspannen in bad! Wat een ongekende luxe. In bad kunnen gaan, zonder jengelende kinderen die proberen de deur te forceren. Mooi en grappig dat de komst van kinderen je laat genieten van kleine momenten, die voorheen vanzelfsprekend waren.

Aardig egoïstisch!

aardig“Altijd vriendelijk zijn tegen de mensen!” zei mijn vader dikwijls. Wie “de mensen” precies zijn, dat ben ik nooit te weten gekomen, maar de strekking is helder. Het zit dan ook nog steeds ingebakken in heel mijn doen en laten.

En inmiddels roep ik het ook tegen onze kinderen: “altijd vriendelijk zijn!”. Het laatste stukje (dat van die mensen) laat ik weg, dat lijkt mij duidelijker. Het gaat erom dat vriendelijkheid niks kost, maar wel veel oplevert.

Toen ik jonger was, was ik voornamelijk vriendelijk en aardig uit onzekerheid. Ik wilde aardig gevonden worden. Dat stadium ben ik inmiddels voorbij (lang leve het ouder worden!). Aardig zijn en vriendelijk zijn, dat klinkt zoetsappig en wellicht ook een tikkeltje naïef. Nou, geloof me dat is het juist niet. Vriendelijkheid maakt blij. Je maakt iemand anders blij en (zeker niet onbelangrijk) je wordt er zelf blij van! Dat heeft niets met naïviteit te maken.

Kortom: het voelt goed om vriendelijk en aardig te zijn. Vergiffenis past ook goed in het rijtje. Probeer het eens! Vergeef een ander zijn fouten en je voelt je veel fijner. Ook dat heeft weinig met de ander te maken, maar juist vooral met je zelf. Hoe jij omgaat met en denkt over een ander, zegt immers alles over jou en niets over die ander! Wees aardig voor een ander en je bent juist aardig voor jezelf. Lekker egoïstisch dus.

O ja, de fraaie tekst in de afbeelding is van 365 dagen succesvol. Hun (Facebook) pagina is de moeite waard om te bezoeken!

Over gladheid en magie

gladdebeerOp de paarse dag (donderdag) is het glad. Die overtuiging heeft onze jongste sinds kort. Op de paarse dag ligt er ijs op de weg. Na een paar pirouettes en een te intieme kennismaking met een boom (die verhinderde dat we met auto en al van de dijk af, in de sloot kukelden) kan ik beamen dat het in elk geval op één paarse dag glad was.

Trillend over mijn hele lijf en met tranen in mijn ogen probeerde ik de krijsende jongens achterin te overtuigen dat alles in orde was. Wij waren in orde. Dat was het belangrijkste, maar de schrik zat er goed in. Onderweg naar huis waren de mannetjes stil (op een paar ingehouden snikken na). Heel stil.

Maar toen ze thuis hun papa zagen, vlogen ze hem in de armen en kwamen de verhalen los. En ik? Ik was vooral bang dat ze een enorm trauma opgelopen hadden. Onze jongste ging (eenmaal binnen) gelijk met zijn autootjes spelen (waarbij hij ze allemaal rondjes liet draaien en botsen). Dat luchtte me op. Voor hem was dat blijkbaar de manier om het een plekje te geven.

Over onze oudste maakte ik me meer zorgen. Zijn vader nam hem die middag onder zijn hoede. En wat bleek? Dat was precies wat hij nodig had. Logisch eigenlijk, papa’s bezitten een magie, waardoor ze als geen ander geruststellen, relativeren en op het juiste moment grapjes maken. Althans, mijn eigen papa kon dat! Ik had hem dan ook graag gebeld, die paarse, gladde dag. Hoe fijn is het, dat onze kinderen ook een papa hebben, die alles op magische wijze weer in orde maakt. Driewerf hoera voor de magie van papa’s!

Zo leuk!

OpvoedstijlenDat zou ik nou nooit doen. Echt niet. Natuurlijk, ik hoor het je denken en gelijk heb je. Ik zou dat ook nooit doen. Tot gisteren. Toen deed ik het toch. Er was geen sprake van acuut gevaar voor letsel van mens of dier, er werden geen (mensen en/of dieren) rechten overtreden en er was geen reden tot paniek in wat voor vorm dan ook. En toch deed ik het.

Ik sprak zomaar een wildvreemde moeder aan op het gedrag van haar kinderen. Yep, ik weet hoe triest dat klinkt. Ik ben normaliter de laatste die zal oordelen over andermans opvoedstijl. Ik vind opvoeden zelf moeilijk zat, dus van mij geen commentaar op de aanpak van andere opvoeders.

En toch deed ik het. Ter mijn verdediging, ik maakte een nette opmerking waarbij ik rustig uitlegde dat er een alternatief was voor het door haar kinderen vertoonde gedrag. Ik probeerde daarbij de boodschap zo te verpakken dat het als een gemoedelijk advies zou klinken. Nodeloos te vermelden dat dat totaal niet overkwam. Wildvreemde moeder voelde zich aangevallen. En dat snap ik.

Wat er volgde, was een eenzijdig gesprek. Wildvreemde moeder begon zich te verdedigen. Hetgeen voor mij totaal overbodig was, ik wilde haar immers niet aanvallen. Ik had geen weerwoord. In plaats daarvan bleef ik in gedachten hangen bij een kort zinnetje dat ze meerdere malen tijdens haar monoloog uitsprak: “… maar de kinderen vinden het zo leuk…”.

Ik kon er niets aan doen, maar mijn fantasie sloeg op hol en ik zag hoe zij op school praatte met de leerkracht van haar kind. Ik hoorde haar zeggen…”Oh, heeft hij anderen gepest? Ja, erg hoor, maar hij vindt het zo leuk!” Daarna kwam een nieuw beeld in me op. Wildvreemde moeder die gefouilleerd wordt bij de ingang van een gevangenis en de dienstdoende bewaarder meldt… “Weet je, een bank beroven mag natuurlijk niet, maar hij vindt het zo leuk!”

Uiteindelijk moest ik oppassen om niet te gaan lachen. Gelukkig deed ik dat toch niet. Arme Wildvreemde moeder voelde zich al aangevallen genoeg. Ik had spijt dat ik er iets van had gezegd. Het loonde de moeite niet. Het bracht mij wel wat op.

Ten eerste de wetenschap dat het inderdaad wijzer is om andere ouders niet aan te spreken op het gedrag van hun kinderen (mits geen dreigend onheil). En ten tweede het besef dat ik reuze blij ben dat onze kinderen soms onwijs boos op me worden. Ze mogen namelijk niet alles, ook niet wanneer ze het zo leuk vinden! Dat is mijn opvoedstijl en die past bij mij.

Nogmaals sorry Wildvreemde moeder (ik denk namelijk niet dat je mijn binnensmonds gemompelde sorry tijdens je verdedigingspraatje hebt gehoord).

Heimelijke genoegens #1

heimelijke genoegens van het ouderschap #1

Het is echt niet zo dat ik het leuk vind wanneer één van de kinderen ziek is. Maar dat zieke, zielige hoopje mens is wel ontzettend knuffelbaar en rustig. En laten dat nou net twee dingen zijn waar ik ontzettend van kan genieten!

Ook is het heerlijk om weer “nodig” te zijn. De, veel te snel zelfstandig wordende, prullekes kunnen als ze ziek zijn eventjes niet zonder papa of mama. Zo’n patiëntje heeft zorg nodig en heel veel liefdevolle kroelen!

En wat ook zo fijn is van een grieperig kindje: het moment waarop het weer beter is. Na de periode van rust en stilte, voelt de onophoudelijke woordenstroom ineens als een verademing. Zo heeft onze jongste na een paar dagen buikgriep dan ook weer babbels voor tien en als ik hem wil kroelen, loopt hij heel hard weg. Alles is weer bij het oude!

The day after

dankbaarLoom rek ik me uit en kijk naar het slagveld om me heen. De hele woonkamer ligt vol met diverse stille getuigen van het heerlijk avondje van gisteren. Op mijn nieuwe, zachtroze huissokken (met kleine glitters!) slalom ik voorzichtig naar de grote doos met papier die staat te wachten om naar buiten gebracht te worden. Wat een rust in huis en hoe anders was dat de afgelopen weken!

In de loop van de ochtend komt er langzaam maar zeker weer wat meer leven in de brouwerij. Er wordt getekend, gebouwd, tegen elkaar geracet en er worden spelletjes gespeeld. Nieuwe spulletjes krijgen een plekje of worden al meteen in gebruik genomen. En terwijl de oudste me komt roepen voor een potje Zeeslag, verheug ik me al op het uitgebreide bad met gezichtsmaskertje dat voor me in het verschiet ligt vanavond. Straks ook nog een grote kom warme chocomel met iets lekkers. Ik kan me een vervelendere day after indenken. Dank U Sinterklaasje!

Het mysterie van de verdwenen knop

de knopDe knop moest om. Zoveel was duidelijk. Prima constatering, maar helaas had ik geen flauw idee waar ik die knop kon vinden. Niet dat ik al heel fanatiek had gezocht, maar het leek me dat die veelbesproken knop niet heel moeilijk te vinden moest zijn. Als er zoveel mensen over praatten, dan was ie vast te vinden op een voor de hand liggende plaats.

Ik begon de zoektocht daarom in mijn hoofd. Daar vond ik van alles, maar van een knop was geen sprake. Misschien aan de buitenkant van mijn hoofd? Bij onze oudste zoon zat er destijds een knopje op zijn neus dat er bij aanraking voor zorgde dat zijn tong naar buiten kwam. Dus ik duwde op mijn neus. Niets. Nog maar een keer proberen… en wat denk je? Er gebeurde helemaal niets. Zelfs mijn tong bleef binnenboord.

Waar kon dat verdraaide ding nou toch zijn? Ik besloot het los te laten. Laat maar zitten dan die akelige knop. En terwijl ik mijn best deed om de hele mislukte zoektocht te vergeten, werd het me duidelijk. De knop zat de hele tijd verstopt in mijn hart. Mijn verstand schreeuwde al maanden dat het zo niet verder kon, maar zolang mijn gevoel daar niet mee strookte, kon de knop niet om.

Nu is er twee kilo af. De knop is gevonden, de kop is eraf!

Van geluk gesproken

Er zijn van die dagen… van die dagen dat het één na het ander totaal mis gaat (of een klein beetje mis, dat door de massale herhaling, aanvoelt alsof alles totaal verkeerd gaat). Vorige week nog had ik er zo één. Zo’n dag. Het begon met scherven.

sadTerwijl ik de gebroken stukjes veiligheidsglas van het deksel van een pan bij elkaar sprokkelde, hoorde ik m’n vent nog mompelen: “Ach, scherven brengen geluk.” Ik wilde antwoorden, dat ik dan wel heel veel geluk zou moeten hebben, maar ik hield me in en ruimde verder op.

Even later bleek het veiligheidsglas zijn naam geen eer aan te doen, want toen ik in een over het hoofd gezien stukje stapte, stond ik te jodelen van de pijn. Daarna volgde een reeks kleine ongelukjes (variërend van omgevallen glazen lekker plakkende ranja, onmogelijke vlekken op nieuwe kleren, woede-uitbarstingen waarbij met speelgoed gegooid moest worden en nou ja, nog meer van dergelijke zaken). Zowat allemaal dagelijkse kost en niet het einde van wereld, maar ergens in de namiddag was ik behoorlijk uitgeblust.

Bij het eten koken, was ik blij dat de dag al tegen het eind liep en was ik in de waan, dat er nu niet zo veel meer mis kon gaan. Ik had boontjes en er zijn weinig dingen die ik lekkerder vind dan sperzieboontjes vers uit de tuin! Dat werd smullen. Mijn humeur werd stilaan beter, maar helaas was ik er niet echt met mijn gedachten bij. Om een lang verhaal kort te maken: de boontjes brandden aan. En niet zomaar een beetje, nee, ze waren echt helemaal roetzwart.

Uiteraard, geheel in de trend van de dag, had ik niets in huis om de inmiddels behoorlijk hongerige meute tevreden te stellen. Bijna niets, er lag in de koelkast nog een zak kant-en-klare poffertjes. Volgens onze oudste zijn die mama’s specialiteit (hetgeen veel zegt over mijn kookkunst of over de ontwikkeling van zijn smaak). Dus wat blikken ananas en gemengd fruit opengetrokken, magnetron aan, schenkstroop en poedersuiker op tafel et voila: een eenvoudige, doch voedzame maaltijd.

happyIk had flink de P in, maar onze oudste zoon zat te stralen. En terwijl hij zijn bord vol schepte, zei ie: “Ik vind het helemaal niet erg, dat de boontjes aangebrand zijn! Nu heb ik lekker poffertjes. Dat is nog eens geluk hebben, hè mama!” En daar had ie helemaal gelijk in. Geluk zit in een klein hoekje (en soms verstopt onder een dikke laag “ongeluk”).

De grote opruiming

Een maand geleden begon ie: de grote opruiming. Het leek me een uitstekend idee om het hele huis op te ruimen en te poetsen, zodat er tijdens de zomervakantie relaxed kon worden en alleen het hoognodige gedaan hoefde te worden. Iets dergelijks had ik een paar jaar eerder van een collega-moeder gehoord en toen zij het vertelde, leek het me een perfect plan.

ClutterVoor haar waarschijnlijk wel, maar in ons huis is er helemaal niets van gekomen. Sterker nog, het is complete chaos. Overal staan nu dozen en zakken die ofwel bestemd zijn voor het goede doel ofwel met de vuilnisman mee naar huis mogen ofwel een nieuw plaatsje in ons eigen huis dienen te krijgen. Zucht. Het huis begon te lijken op een exacte kopie van het binnenste van mijn hoofd (veel te vol met allerlei overbodige ballast die overboord gekieperd dient te worden).

En ik wist het niet meer. Ergens tussen alle stofnesten en spinnenwebben in mijn hoofd moest de oplossing zitten. Ik had immers genoeg gelezen over de beste manier om chaos aan te pakken. Dat was het! Ik had het toch gelezen?… en ineens bedacht ik een manier waarop ik de stofnesten, spinnenwebben en overdaad aan spullen kon wegwerken. Eigenlijk zo simpel, dat ik het inderdaad al lang zelf wist. Het zat al heel lang ergens verstopt in een hoekje van mijn hersens.

Het antwoord? Spullen zijn geen herinneringen, herinneringen zitten in jezelf! In ons huis zitten zoveel speciale spullen die doen denken aan heel speciale mensen, dat het me moeilijk valt om er afscheid van te nemen. Dat begint al tijdens het opruimen, dan is er de twijfel over welke stapel gekozen dient te worden. Maar de herinneringen blijven, die zitten niet vast aan dingen, maar die zitten vast in je hoofd en je hart!

Dus? Doen! Niet denken! Uhm, waar wacht ik dan nog op? En jij? Hoe zit het met jou?

Het beste advies ooit

Regelmatig hoorde je de vraag terugkomen in interviews. En hoewel het tegenwoordig wat meer uit de gratie is geraakt, kom je die bewuste vraag toch nog wel eens tegen. Ik heb het over deze: “Wat is het beste advies dat je ooit gekregen hebt?”

Advies is er natuurlijk in verschillende soorten en maten, soms duidelijk herkenbaar, soms een beetje vermomd. Fijn dat er mensen zijn die de moeite nemen om advies te geven, alhoewel niet alle advies even bruikbaar of uitvoerbaar blijkt. Daarmee kom ik eigenlijk meteen op het beste advies ooit.

intuitieToen onze eerste telg net geboren was, kwam onze huisarts spontaan en onverwacht even langs (zoals een dorpsarts dat weleens pleegt te doen) om te kijken. Met mijn kersverse moederschap kwamen nogal wat nieuwe onzekerheden om de hoek kijken en de beste man voelde dat haarscherp aan. “Vertrouw op je intuïtie en jezelf!” dat was wat hij me vertelde toen hij weer weg ging.

In de loop der tijd ben ik zijn woorden steeds meer gaan waarderen en heb ik er voor mezelf een stukje aan toegevoegd: “Vertrouw op je intuïtie en geloof in jezelf!” Dat het niet alleen geldt voor onzekere mama’s, daar ben ik van overtuigd. Het is op alle vlakken toepasbaar, maar in het oerwoud van adviezen betreffende opvoeding, is het een heel fijne houvast!

Manieren van opvoeden zijn net zo talrijk en verschillend als ouders en hun kinderen. Niet voor niets zijn er zo ontzettend veel boeken over geschreven, televisieprogramma’s over gemaakt en websites voor ontworpen. Voor mij is opvoeden een weg zien te vinden die goed voelt voor jezelf als ouder en waarbij je het vertrouwen hebt, dat je het beste voor je kind(eren) voor ogen hebt. Hoe je dat doet, bepaal je helemaal zelf (samen met de andere opvoeder, indien aanwezig, natuurlijk).

En jawel, natuurlijk is het fijn om handvatten te hebben en wat is nu fijner dan het besef dat je die handvatten kunt benutten naar eigen inzicht? Dus: Vertrouw op je intuïtie en geloof in jezelf!