Nieuw maatje

Daar stond ie dan. Hij leek me uit te dagen. Zo van: kom maar op als je durft! En ik durfde niet. Niet na die laatste keer. Die keer dat ik hem een enorme rotschop had verkocht. Nu ik wat beter keek, zag ik dat hij niet geheel ongehavend uit die strijd was gekomen. Ook dat nog.

Hij bleef gewoon staan. Alsof er nooit iets was gebeurd. Terwijl ik wist dat die gemene trap eigenlijk voor mezelf was bedoeld. Een grote schop onder m’n kont, dat had ik verdiend en niet hij. Ik kon geen woord uitbrengen en keek slechts zwijgend naar hoe groot de schade daadwerkelijk was. Ik besloot me om te draaien en de aftocht te blazen.

Nu is hij vervangen. Hij is afgedankt en zijn jonge vervanger heeft zijn oude, vertrouwde plek ingenomen. Ik denk niet dat hij het me kwalijk heeft genomen. Het is namelijk maar beter zo. Vanaf nu geen strijd meer tegen de weegschaal, maar tegen de kilo’s. Op weg naar een nieuw maatje, wordt de spiksplinternieuwe kilo-meter (of kilo-teller) mijn vriend en niet mijn vijand. Als er al geschopt wordt, dan zal dat tegen steeds dunner wordende billen zijn! Game on.

Een soort van lief

Hoewel ik zo m’n best had gedaan om het niet te laten gebeuren, gebeurde het natuurlijk toch. Ik plofte neer op de rand van het bed van onze jongste telg en daar ontsnapte ie… een enorme zucht.

Het was een drukke dag geweest en ik was blij dat tenminste één van onze lawaaimakers naar bed mocht. Gelukkig, bijna rust in de tent. Bijna met de benen omhoog, languit in de bank voor de tv hangen. Wat kan een mens (lees: mama of papa) tevreden zijn met de simpelste dingen! Maar goed, zo ver was het nog niet. Nog geen bankgehang voor moeders, eerst nog even ervoor zorgen dat de kinders in bed kwamen te liggen en daarin zouden blijven gedurende de gehele nacht.

Hoewel ik hoopte, dat onze knul die diepe, diepe zucht niet in de gaten had, had hij dat natuurlijk toch. Hij keek me aan en zei: “Het valt niet mee om het enige meisje te zijn.” De daaropvolgende verbaasde blik in zijn ogen toen ik hem een dikke, lange, stevige knuffel gaf, kon ik toen niet helemaal plaatsen. Wat een lieverd was het, wat een enorme blijk van medeleven op zo’n jonge leeftijd al. Wauw, dacht ik. Ik had nog net geen tranen in mijn ogen, maar eerlijk is braaf, dat scheelde niet veel. Even ter mijn verdediging, ik was erg moe, dus dat niemand nu denkt dat ik heel sentimenteel ben of zo.

Mijn ontroering over zoveel inlevingsvermogen was echter niet van heel lange duur. Toen ook onze oudste zoon ingestopt en wel in zijn bed lag, ik mezelf languit in de bank had gedrapeerd, kwam het eerste reclameblok op televisie. “Wat leuk, die nieuwe film van de Smurfen, het is wel een idee om daar met z’n allen naar toe te gaan.”, zo was mijn eerste gedachte. Direct daarna gevolgd door: “Nee, het is niet waar! Daar heeft ie die zin vandaan!” Blijkbaar zat Smurfin in een dip vanwege alle blauwe haantjes met strakke witte broeken die steeds maar om haar heen smurfen. “Het valt niet mee om het enige meisje te zijn.”, zo vertelt de voice-over ons. Goed onthouden door onze eigen smurf en ik vind het (ondanks dat de teleurstelling behoorlijk groot is) op zich knap dat hij het op precies het juiste moment wist te brengen. Dat is ook best wel, eigenlijk, een soort van lief!

Ik zie er geen gat in

Hopeloos ouderwets. Een sticker met die woorden zou op mijn voorhoofd geplakt kunnen worden. Volgens onze oudste zoon. En eerlijk gezegd, heeft ie gelijk. Zo’n sticker zou de waarheid weergeven. Ik ben geworden wat ik nooit wilde zijn. Hopeloos ouderwets.

Zoonlief wil namelijk ook zo’n versleten broek met van die gaten. Een broek die zelfs als buitenspeelbroek zou worden afgedankt. Een broek die niet in de Zak van Max mee zou mogen (want kapot) en derhalve in de kliko zou belanden. Zo’n broek. Ik wil die niet voor hem kopen.

Het druist tegen allerlei principes in. Zo vind ik het onzin om te betalen voor iets dat stuk is. Vooral iets dat juist door de stukheid dubbel zo duur is dan een gaaf exemplaar. En vind ik het feit, dat “iedereen er één heeft” des te meer reden om er geen te kopen. Tot voor kort was oudste zoon het daar mee eens (zo verklaarde hij een tijdje terug heel stellig: “dat merk hoef ik niet hoor mam, want daar loopt iedereen mee.”).

Nu moet er dus wel een broek komen waar iedereen mee loopt. Nou ja, misschien moet ik maar gewoon overstag. Kan best dat ie heel lekker zit, zo’n broek waar iedereen mee loopt. Dat is ook wat waard.

Ho ho ho

Misschien is het ouderwets. Misschien is het sentimenteel. Misschien is het gewoon een fijne traditie. Ik kies voor het laatste. Zeg nou zelf, wat is er nu fijner dan post ontvangen van mensen die je het allerbeste wensen? Dat geeft een warm gevoel en dat kunnen veel mensen gebruiken in deze donkere, kille dagen.

Ik hou er van en geniet van de Kerstwensen die wij van anderen ontvangen. Hoe haaks daarop staat mijn jaarlijkse wedloop om de kaarten op tijd de deur uit te krijgen. Het is elk jaar weer de vraag of onze vrienden, familie en kennissen een welgemeende Kerstgroet ontvangen van ons gezin. Het is zeker geen onwil van mijn kant, het lukt vaak simpelweg niet.

Gedurende het hele jaar hou ik de adressenlijst up-to-date. Kant en klaar in Word op etikettenformaat, klaar om uitgeprint te worden. Zo rond de Sint zijn verjaardag zucht ik opgelucht dat ze nog lang niet de deur uit kunnen. De allereerste wil ik nou ook weer niet zijn, dus even wachten kan dan geen kwaad. Vervolgens komt de boom met lichtjes in huis en voel ik lichte drang om de speciale zegels te kopen.

Wanneer de allereerste Kerstkaart bij ons in de brievenbus is gestopt, wordt het menens. Nu behoor ik actie te ondernemen. Dat weet ik, maar dan moet ik eerst kijken hoeveel kaarten ik nog over heb van voorgaande jaren en daarna een eventueel tekort aanvullen. Of zal ik samen met de jongens kaarten maken? Dat is ook altijd zo leuk (en persoonlijk). Of nee, een foto! Nog persoonlijker.

Als het meezit, dan zijn alle kaarten geschreven voor de Kerst en (de volgende uitdaging) op de bus gedaan. Sommige jaren lukt dat niet, maar krijg ik ze wel de deur uit tussen Kerst en Oud en Nieuw. Daarna (mits niet te lang gewacht) is ook nog een optie, waarvan ik wel eens gebruik heb gemaakt.

Voor onze familie, vrienden en kennissen is het daarom altijd een verrassing of er een kaart binnenkomt van Familie V. En als ie komt, wanneer dat dan is. Ik hoop dat ze dat niet erg vinden. En ik hoop vooral dat ze weten dat wij ze sowieso een warm hart toedragen en het allerbeste wensen voor het nieuwe jaar. Met of zonder Kerstkaart. Wellicht een goed voornemen om ze dat duidelijk te maken volgend jaar! Of nee, goede voornemens daar doe ik niet aan… maar dat is weer een ander verhaal.

O ja, ik ben me zeker bewust van het feit dat de tijd die ik besteed heb om dit relaas te typen ook had kunnen besteden aan het schrijven van Kerstkaarten. De druk op de ketel neemt toe! Of het gaat lukken dit jaar? Dat blijft spannend.

Zoek de verschillen-de overeenkomsten #2

Platteland en stad zijn in de kern helemaal niet zo verschillend als gedacht wordt. Bewoners en inwoners kampen met dezelfde problemen/uitdagingen in het alledaagse leven. Alleen de aanleiding is soms verschillend!

Na een reeks bijzondere voorvallen bij ons op het platteland, vroeg ik me af of mensen in de stad ook in dergelijke situaties verzeild raakten. En na enig gepeins, was mijn conclusie: Ja, natuurlijk! Maar dan een tikkeltje anders…

Stom (heimelijke genoegens #3)

Heimelijke genoegens van het ouderschap Onze jongste telg zit momenteel in de “meisjes zijn stom” fase. Hij verwoordt het zelf anders, hij verkondigt namelijk (te pas en te onpas) dat hij allergisch is voor meisjes. Gelukkig zijn er een paar uitzonderingen, zoals zijn nichtje en zijn vriendinnetje (als in: speelkameraadje). Op school speelt hij wel met meisjes, maar daar vertelt hij liever niets over thuis. Want ja, dat zou natuurlijk stom zijn.

Het feit dat mama ook een meisje is (was…), dat ging aan onze knul totaal voorbij. Misschien maar beter ook, alhoewel het voor hem wel zou verklaren waarom mama soms van die stomme dingen doet (zoals oneindig lang kletsen met andere mama’s, veel te hard meezingen met de radio, een soort van verf op haar gezicht smeren om er zogenaamd beter uit te zien of heel vreemde bewegingen maken die ze vervolgens dansen noemt).

ninja-turtleToch bleek ons jongetje wel in de gaten te hebben, dat mama een uit de kluiten gewassen soort van meisje is. Hij gaf zijn moeder namelijk een bijzonder compliment afgelopen week. Tijdens het spelen, verklaarde hij: “Mama, jij bent een echte meisjes Ninja Turtle!”

Yes! Daar wordt elke moeder blij van, toch? Nou ja , misschien niet echt, maar ik vond het een ontroerend moment. Ik wilde hem knuffelen en een dikke kus geven, maar wist me in te houden. Natuurlijk zal hij nog vaak genoeg roepen, dat “mama stom is”, maar dan is dat in elk geval niet omdat mama een meisje is!

Binnenkort verkrijgbaar

nieuwNog nooit vertoond! Revolutionair! Dat zullen de reacties zijn wanneer ik mijn nieuwe winkel open. En die reacties kloppen. Het is nog nooit vertoond, maar geweldig in al zijn simpelheid. Het is haast onwerkelijk dat er nog nooit eerder iemand op hetzelfde idee is gekomen.

In mijn nieuwe winkel kun je terecht voor alle modellen in elke maat. Oud of nieuw, jij kiest welke je nu het beste past. Ze zijn verkrijgbaar in alle mogelijke kleuren. Allemaal tot net onder het oor.

Als opperbevelhebber van die prachtige winkel (met vershoudmagazijn erachter gesitueerd) kan ik je advies op maat geven. Ik ben namelijk ervaringsdeskundige! Dus: aarzel niet en kom snel langs voor een nieuwe.

De mooie gevel sluit prima aan bij mijn koopwaar en valt lekker op in het straatbeeld. Zodra ik besloten heb of het een ritssluiting of drukknoopsluiting zal worden, kan de productie starten. Met de nieuw op handen zijnde donorwet verwacht ik weinig problemen met de aanvoer van voldoende grondstof.

Verder denk ik nog na over een passende slogan. Iets zoals dit: “Yell, yell, koop hier je nieuwe vel!” of deze: “Voor elk wat vels”. Suggesties zijn welkom. Ik denk, dat het storm gaat lopen. Want zeg nou zelf, als je niet goed in je vel zit, waar kun je anders een nieuwe kopen?

Over zwembaden en stilte

De teksten vloeien het toetsenbord uit. Letter na letter, woord na woord, zin na zin. Meestal dan toch. Het verhaal zat al in mijn hoofd, het verhaal hoefde alleen maar opgeschreven te worden. Een vertelsel over een visionair, over iemand die zijn tijd ver vooruit was, over een jongen met lef. Een los en nonchalant vertelsel met een kwinkslag en een serieuze ondertoon.

waterHet verhaal zou vertellen over hoe hij zo’n slordige 15 jaar geleden een onderneming begon in zwembaden. Het zou vermelden dat mijn ogen zo groot als schoteltjes werden toen hij me dat destijds vertelde en hoe hij als antwoord slechts een grote grijns op zijn gezicht toverde.

Hij zag de toekomst en durfde ernaar te handelen. Hij had gelijk! Inmiddels staat er ook bij ons (grotendeels gesponsord door lieve vrienden) een zwembad in de tuin. En niet alleen bij ons in de tuin, maar in ontelbaar veel meer tuinen. Zijn bedrijf zou een succes geworden zijn, een groot succes. Hij heeft het jammer genoeg niet mee mogen maken. Inmiddels is het alweer ruim 10 jaar geleden dat hij de strijd tegen kanker heeft verloren.

En daar schieten de woorden tekort. Wat kan één zo’n ellendige ziekte toch allemaal teweeg brengen. Wat is er eigenlijk sowieso onnoemelijk veel ellende op de wereld. Hoe kun je ooit woorden daarvoor vinden? Moet je dat eigenlijk wel proberen? Ik weet het niet. Misschien is stilte en leegte ook voldoende. Ik ben er in elk geval wel even stil van…