Het zou verboden moeten worden

“Jongens, nou is het genoeg geweest!” Een zin die ik te vaak gebruik, een zin die ik soms ook net wat harder zeg (roep…) dan ik eigenlijk had gewild. Een zin waaruit mijn eigen onvermogen en frustratie blijkt, maar die ik desalniettemin vandaag wel uit zou willen schreeuwen.

Het is echt genoeg geweest nu. Het hoeft niet meer. Klaar ermee. Het zou gewoon verboden moeten worden. Een algeheel groeiverbod, dat moet er komen. Laat al die kinderen er nu maar eens mee stoppen! Zijn ze nou helemaal be-la-tafeld? Dat gegroei is helemaal nergens voor nodig. Ze zijn perfect zoals ze zijn. Niks meer aan doen, zeg ik.

Let them be littleIk vond eigenlijk dat Moeder Natuur het prima voor elkaar had. Zo heeft ze bijvoorbeeld ervoor gezorgd dat je een fiks aantal maanden kunt wennen aan het idee dat er een kind geboren wordt. Erg fijn dat het er niet zomaar ineens uit floept en dat het ook niet meteen kan praten en lopen. Het gaat allemaal stap voor stap. Erg fijn voor de ouders, die op die manier langzaamaan mee kunnen groeien met het opgroeiende kind.

Maar Moeder Natuur is vergeten om het heel geleidelijk te laten gaan… het gaat met sprongen. Grote sprongen. En laat ik nou niet bepaald goed zijn in hoog (of ver) springen. Ik hou onze springende kinderen niet meer bij. Had Moeder Natuur niet ergens een ingebouwde rem kunnen maken, die ouders die het even niet meer bijhouden in kunnen schakelen om de boel (tijdelijk) wat te vertragen?

Broeken die een paar weken geleden gekocht zijn, zijn inmiddels “hoogwater” exemplaren geworden. Spelletjes die tot voor kort vaak gespeeld werden, worden aan de kant geschoven, want “te baby-achtig”. Meten met mama (wie het langst is) zorgt voor veel hilariteit (bij de kinderen, niet bij de kleine mama – tegenwoordig ook wel “mamaatje” genoemd). En er moet losgelaten worden (door moeders, die dat nou juist niet zo makkelijk vindt).

Het moge duidelijk zijn, het gaat me allemaal te snel. Vanochtend dacht ik even een medestander in onze jongste te hebben gevonden. Hij vertelde dat hij niet naar groep 2 wilde en ook niet naar groep 3. De glimlach op mijn gezicht verdween echter, toen hij vervolgde, dat hij meteen naar groep 4 wil (waar zijn grote broer nu in zit).

Help! De kinderen groeien! Waar is de noodrem?

Wen er maar aan!

wendingHet was hooguit de derde keer dat ik het deed. Ik was het zat en ik wilde er iets aan doen, dus deed ik het. Die witgrijze haren die in steeds grotere getale op mijn hoofd verschenen, die moesten wijken! Wijken voor een fris kleurtje, dat niet al te opvallend was. Gewoon een kleurtje uit een pakje, niet al te permanent (want stel, dat het er vreselijk uit kwam te zien…). Het pak met de verf was inmiddels al een tijdje in huis en eindelijk raapte ik mijn moed bij elkaar.

Ik was home alone en dat leek mij een mooie gelegenheid. En jawel, het lukte! De grijswitte haren vielen in het niet door de nieuwe, lichtere (en blondere) kleur. Missie geslaagd. Althans, dat vond ik voordat ik de commentaren van de mannen in huis hoorde. De jongste vroeg: ”Mama, waarom is je haar oranje?”, de oudste… Ach, het kwam er op neer dat ze geen van allen enthousiast waren.

Dat kan ook best, dat mag ook best en het is ook best te begrijpen. De vrouw des huizes veranderde immers nooit van haarkleur en nu, zomaar, ineens, zonder waarschuwing vooraf, deed ze dat wel! En ze had kunnen weten, dat wijzigingen (in wat voor vorm dan ook) zonder vooraankondiging niet in goede aarde vallen bij haar gezin.

Nu de uitgroei goed zichtbaar begint te worden, zijn de heren er aan gewend en zeggen ze er (haast) niks meer over. Gelukkig ben ik niet voor 1 gat te vangen! Ik heb een sluw plannetje bedacht. Volgende week gaat het gebeuren… ik denk dat ik ga voor knalgeel (mooi op tijd voor de Tour de France). Daarna lijkt blauw me wel wat en over een poosje wordt het roze. Constante verandering zorgt immers ook voor gewenning, toch?

CSI Kitchen

Compositietekening

Compositietekening

 

Signalement: donker, van gemiddelde lengte, middelbare leeftijd, gevaarlijk (staat voortdurend op scherp).

Als vermist opgegeven op woensdag 1300 uur. Laatst gezien op dinsdag om 1130 uur.

Vermoedelijk plaats delict: de keuken. Ooggetuige geeft tijdens verhoor aan dat er een appeltje te schillen was met de vermiste.

Sporenonderzoek liep spaak vanwege het verdwijnen van de betreffende schillen in de GFT bak. Mogelijk is vermiste bij het wekelijks legen der containers verdwenen naar onbekende bestemming.

Volgende keer in CSI Home: heropening van cold-case: de vermiste sok.

Heimelijke genoegens #2

genoegens 2Zodra er kinderen zijn, is het gedaan met je privacy. Rustig aan de telefoon, ontspannen in bad, alleen naar de wc, het is allemaal verleden tijd. Het lijkt wel of ze het ruiken. Zodra je een poging waagt, staan ze ineens voor je neus en hebben ze je enorm dringend nodig. En dan wel meteen, nu, nee, even wachten kan echt, echt niet.

En hoe zeer ik ook genoten heb van de peuterpraatjes en gekke streken van onze jongste… nu hij kleuter is geworden, gaat er een (herontdekte) wereld voor me open. Zo lukt het nu om ongestoord te bellen, zonder krijsende of anderszins kabaal makende kinderen op de achtergrond. Wat een zaligheid! Rustig op de wc zitten, zonder allerlei dringende problemen op te moeten lossen vanachter de gesloten deur. Wat een rust!

En dan de aller, aller fijnste… ontspannen in bad! Wat een ongekende luxe. In bad kunnen gaan, zonder jengelende kinderen die proberen de deur te forceren. Mooi en grappig dat de komst van kinderen je laat genieten van kleine momenten, die voorheen vanzelfsprekend waren.

Aardig egoïstisch!

aardig“Altijd vriendelijk zijn tegen de mensen!” zei mijn vader dikwijls. Wie “de mensen” precies zijn, dat ben ik nooit te weten gekomen, maar de strekking is helder. Het zit dan ook nog steeds ingebakken in heel mijn doen en laten.

En inmiddels roep ik het ook tegen onze kinderen: “altijd vriendelijk zijn!”. Het laatste stukje (dat van die mensen) laat ik weg, dat lijkt mij duidelijker. Het gaat erom dat vriendelijkheid niks kost, maar wel veel oplevert.

Toen ik jonger was, was ik voornamelijk vriendelijk en aardig uit onzekerheid. Ik wilde aardig gevonden worden. Dat stadium ben ik inmiddels voorbij (lang leve het ouder worden!). Aardig zijn en vriendelijk zijn, dat klinkt zoetsappig en wellicht ook een tikkeltje naïef. Nou, geloof me dat is het juist niet. Vriendelijkheid maakt blij. Je maakt iemand anders blij en (zeker niet onbelangrijk) je wordt er zelf blij van! Dat heeft niets met naïviteit te maken.

Kortom: het voelt goed om vriendelijk en aardig te zijn. Vergiffenis past ook goed in het rijtje. Probeer het eens! Vergeef een ander zijn fouten en je voelt je veel fijner. Ook dat heeft weinig met de ander te maken, maar juist vooral met je zelf. Hoe jij omgaat met en denkt over een ander, zegt immers alles over jou en niets over die ander! Wees aardig voor een ander en je bent juist aardig voor jezelf. Lekker egoïstisch dus.

O ja, de fraaie tekst in de afbeelding is van 365 dagen succesvol. Hun (Facebook) pagina is de moeite waard om te bezoeken!

Over gladheid en magie

gladdebeerOp de paarse dag (donderdag) is het glad. Die overtuiging heeft onze jongste sinds kort. Op de paarse dag ligt er ijs op de weg. Na een paar pirouettes en een te intieme kennismaking met een boom (die verhinderde dat we met auto en al van de dijk af, in de sloot kukelden) kan ik beamen dat het in elk geval op één paarse dag glad was.

Trillend over mijn hele lijf en met tranen in mijn ogen probeerde ik de krijsende jongens achterin te overtuigen dat alles in orde was. Wij waren in orde. Dat was het belangrijkste, maar de schrik zat er goed in. Onderweg naar huis waren de mannetjes stil (op een paar ingehouden snikken na). Heel stil.

Maar toen ze thuis hun papa zagen, vlogen ze hem in de armen en kwamen de verhalen los. En ik? Ik was vooral bang dat ze een enorm trauma opgelopen hadden. Onze jongste ging (eenmaal binnen) gelijk met zijn autootjes spelen (waarbij hij ze allemaal rondjes liet draaien en botsen). Dat luchtte me op. Voor hem was dat blijkbaar de manier om het een plekje te geven.

Over onze oudste maakte ik me meer zorgen. Zijn vader nam hem die middag onder zijn hoede. En wat bleek? Dat was precies wat hij nodig had. Logisch eigenlijk, papa’s bezitten een magie, waardoor ze als geen ander geruststellen, relativeren en op het juiste moment grapjes maken. Althans, mijn eigen papa kon dat! Ik had hem dan ook graag gebeld, die paarse, gladde dag. Hoe fijn is het, dat onze kinderen ook een papa hebben, die alles op magische wijze weer in orde maakt. Driewerf hoera voor de magie van papa’s!

Zo leuk!

OpvoedstijlenDat zou ik nou nooit doen. Echt niet. Natuurlijk, ik hoor het je denken en gelijk heb je. Ik zou dat ook nooit doen. Tot gisteren. Toen deed ik het toch. Er was geen sprake van acuut gevaar voor letsel van mens of dier, er werden geen (mensen en/of dieren) rechten overtreden en er was geen reden tot paniek in wat voor vorm dan ook. En toch deed ik het.

Ik sprak zomaar een wildvreemde moeder aan op het gedrag van haar kinderen. Yep, ik weet hoe triest dat klinkt. Ik ben normaliter de laatste die zal oordelen over andermans opvoedstijl. Ik vind opvoeden zelf moeilijk zat, dus van mij geen commentaar op de aanpak van andere opvoeders.

En toch deed ik het. Ter mijn verdediging, ik maakte een nette opmerking waarbij ik rustig uitlegde dat er een alternatief was voor het door haar kinderen vertoonde gedrag. Ik probeerde daarbij de boodschap zo te verpakken dat het als een gemoedelijk advies zou klinken. Nodeloos te vermelden dat dat totaal niet overkwam. Wildvreemde moeder voelde zich aangevallen. En dat snap ik.

Wat er volgde, was een eenzijdig gesprek. Wildvreemde moeder begon zich te verdedigen. Hetgeen voor mij totaal overbodig was, ik wilde haar immers niet aanvallen. Ik had geen weerwoord. In plaats daarvan bleef ik in gedachten hangen bij een kort zinnetje dat ze meerdere malen tijdens haar monoloog uitsprak: “… maar de kinderen vinden het zo leuk…”.

Ik kon er niets aan doen, maar mijn fantasie sloeg op hol en ik zag hoe zij op school praatte met de leerkracht van haar kind. Ik hoorde haar zeggen…”Oh, heeft hij anderen gepest? Ja, erg hoor, maar hij vindt het zo leuk!” Daarna kwam een nieuw beeld in me op. Wildvreemde moeder die gefouilleerd wordt bij de ingang van een gevangenis en de dienstdoende bewaarder meldt… “Weet je, een bank beroven mag natuurlijk niet, maar hij vindt het zo leuk!”

Uiteindelijk moest ik oppassen om niet te gaan lachen. Gelukkig deed ik dat toch niet. Arme Wildvreemde moeder voelde zich al aangevallen genoeg. Ik had spijt dat ik er iets van had gezegd. Het loonde de moeite niet. Het bracht mij wel wat op.

Ten eerste de wetenschap dat het inderdaad wijzer is om andere ouders niet aan te spreken op het gedrag van hun kinderen (mits geen dreigend onheil). En ten tweede het besef dat ik reuze blij ben dat onze kinderen soms onwijs boos op me worden. Ze mogen namelijk niet alles, ook niet wanneer ze het zo leuk vinden! Dat is mijn opvoedstijl en die past bij mij.

Nogmaals sorry Wildvreemde moeder (ik denk namelijk niet dat je mijn binnensmonds gemompelde sorry tijdens je verdedigingspraatje hebt gehoord).

The day after

dankbaarLoom rek ik me uit en kijk naar het slagveld om me heen. De hele woonkamer ligt vol met diverse stille getuigen van het heerlijk avondje van gisteren. Op mijn nieuwe, zachtroze huissokken (met kleine glitters!) slalom ik voorzichtig naar de grote doos met papier die staat te wachten om naar buiten gebracht te worden. Wat een rust in huis en hoe anders was dat de afgelopen weken!

In de loop van de ochtend komt er langzaam maar zeker weer wat meer leven in de brouwerij. Er wordt getekend, gebouwd, tegen elkaar geracet en er worden spelletjes gespeeld. Nieuwe spulletjes krijgen een plekje of worden al meteen in gebruik genomen. En terwijl de oudste me komt roepen voor een potje Zeeslag, verheug ik me al op het uitgebreide bad met gezichtsmaskertje dat voor me in het verschiet ligt vanavond. Straks ook nog een grote kom warme chocomel met iets lekkers. Ik kan me een vervelendere day after indenken. Dank U Sinterklaasje!

Laat het gaan, laat het los

14861-NPZRVY

Terwijl de kinderen gespannen keken naar het Sinterklaasjournaal (waar is de ring gebleven?), was hun moeder gespannen om een heel andere reden. Nog net geen slapeloze nachten, maar dat scheelde niet veel. Oudste zoon moest de volgende dag alleen op de fiets naar school.

Loslaten noemen ze dat, geloof ik. Vreselijk, ellendig, “kan dat kind niet even wachten met opgroeien”, noem ik dat. De fiets was de dag van tevoren al bij opa en oma gezet, zodat zoonlief niet de hele polder door hoefde te rijden alvorens de bebouwde kom te bereiken. Oma vroeg nog of ze niet even mee moest rijden… en onhoorbaar schreeuwde ik: “Ja!!! Goed idee, doen we!”. Uiteraard vond zoonlief dat geen strak plan.

En daar ging ie. Zo groot en toch ook nog zo klein. En ik? Samen met jongste zoon in de auto naar school, als een havik speurend naar een jongetje met legerjas op een rood-met-gele fiets. Onderweg was echter nergens een spoor van een bekend jongetje, dito fiets of de hulpdiensten te bekennen. Eenmaal zelf op school aangekomen, zie ik een bekend koppie op het schoolplein.

Rennend komt ie op me af. “Waar bleven jullie nou? Ik ben er al een eeuw!”. Ik slik, forceer een glimlach en weet een welgemeend compliment uit te brengen. Zucht. Loslaten noemen ze dat.

Het mysterie van de verdwenen knop

de knopDe knop moest om. Zoveel was duidelijk. Prima constatering, maar helaas had ik geen flauw idee waar ik die knop kon vinden. Niet dat ik al heel fanatiek had gezocht, maar het leek me dat die veelbesproken knop niet heel moeilijk te vinden moest zijn. Als er zoveel mensen over praatten, dan was ie vast te vinden op een voor de hand liggende plaats.

Ik begon de zoektocht daarom in mijn hoofd. Daar vond ik van alles, maar van een knop was geen sprake. Misschien aan de buitenkant van mijn hoofd? Bij onze oudste zoon zat er destijds een knopje op zijn neus dat er bij aanraking voor zorgde dat zijn tong naar buiten kwam. Dus ik duwde op mijn neus. Niets. Nog maar een keer proberen… en wat denk je? Er gebeurde helemaal niets. Zelfs mijn tong bleef binnenboord.

Waar kon dat verdraaide ding nou toch zijn? Ik besloot het los te laten. Laat maar zitten dan die akelige knop. En terwijl ik mijn best deed om de hele mislukte zoektocht te vergeten, werd het me duidelijk. De knop zat de hele tijd verstopt in mijn hart. Mijn verstand schreeuwde al maanden dat het zo niet verder kon, maar zolang mijn gevoel daar niet mee strookte, kon de knop niet om.

Nu is er twee kilo af. De knop is gevonden, de kop is eraf!